Decubitus, ook wel bekend als een doorligwond, is een veelvoorkomend probleem binnen de zorg. Het ontstaat vaak bij patiënten die langdurig bedlegerig zijn of weinig kunnen bewegen. Om decubitus goed te begrijpen en te kunnen voorkomen of behandelen, is kennis van de huid en de verschillende huidlagen essentieel. In deze blog wordt uitgelegd hoe de huid is opgebouwd, welke processen bij decubitus een rol spelen en waarom decubitus vaak dieper begint dan je aan de buitenkant ziet.
De huid: het grootste orgaan van het menselijk lichaam
De huid is het grootste orgaan van het menselijk lichaam en heeft een oppervlakte van ongeveer 1,5 tot 2 m². De huid vormt een belangrijke beschermlaag tegen invloeden van buitenaf. Naast bescherming speelt de huid een rol bij temperatuurregulatie, vochtbalans, afweer en zintuiglijke waarneming zoals pijn en druk. Deze functies maken de huid onmisbaar voor het behoud van een gezonde lichamelijke balans. Wanneer deze beschermende barrière beschadigd raakt, kan dit leiden tot infecties, vochtverlies en uiteindelijk wondvorming. Dit is ook precies wat er gebeurt bij decubitus.
De drie huidlagen: epidermis, dermis en subcutis
- Epidermis (opperhuid)
- Dermis (lederhuid)
- Subcutis (hypodermis)
- Keratinocyten: zorgen voor de vorming van keratine en versterken de huidbarrière.
- Melanocyten: produceren pigment en beschermen tegen UV-straling.
- Langerhanscellen: spelen een rol in het immuunsysteem en herkennen ziekteverwekkers.
- Merkelcellen: betrokken bij tast en drukwaarneming.
- Stratum papillare: losmazig bindweefsel met veel capillairen en zenuwuiteinden. Deze laag voedt de epidermis.
- Stratum reticulare: steviger bindweefsel met veel collageen type I en elastine. Deze laag bepaalt de huidsterkte.
- isolatie (warmte vasthouden)
- schokdemping (bescherming tegen druk)
- energieopslag
- bewegingsruimte tussen huid en spieren
Pathofysiologie van decubitus: waarom druk zo schadelijk is?
- Stratum papillare: losmazig bindweefsel met veel capillairen en zenuwuiteinden. Deze laag voedt de epidermis.
- Stratum reticulare: steviger bindweefsel met veel collageen type I en elastine. Deze laag bepaalt de huidsterkte.
- isolatie (warmte vasthouden)
- schokdemping (bescherming tegen druk)
- energieopslag
- bewegingsruimte tussen huid en spieren
Decubitus wordt ingedeeld in vier categorieën:
- Categorie 1: niet-wegdrukbare roodheid, huid intact, vaak warmte en pijn.
- Categorie 2: oppervlakkig huidverlies, blaar of oppervlakkige wond (epidermis + deel dermis).
- Categorie 3: volledig huidverlies tot in de subcutis, vet zichtbaar.
- Categorie 4: uitgebreid weefselverlies met zichtbare spier, pees of bot, verhoogde kans op osteomyelitis.
- Onclassificeerbaar: wond bedekt met necrose of eschar.
- Deep Tissue Injury (DTI): paarse/blauwe verkleuring met diepe weefselschade.
